Lachen met Saramago om Kain en de strenge oudtestamentische heer

P1040154Het is lang geleden dat ik zo gelachen heb om een boek. Jose Saramago, de Portugese Nobelprijswinnaar, doet in Kain iets wat Monthy Python in Life of Brian deed: heilige overleveringen in slapstick omzetten. Het punt met heilige geschriften is dat ze vaak humor ontberen. En ook volgelingen van grote religieuze voormannen zijn bloedserieus als het om de verhalen van hun traditie gaat.

Het verhaal veegt een reeks oudtestamentische vertellingen op een hoop en mengt dat tot een nieuw verhaal. ‘De heer’ loopt daar doorheen als een irritant en onrechtvaardig mannetje dat hele gekke dingen vraagt van zijn uitverkorenen. De verhalen kennen we, maar omdat we het vaak binnen geloofstradities tot ons hebben gekregen richt je je op het plechtige ervan en zie je het eigenaardige ervan niet.

Nu wel. Saramago vindt het allemaal maar gek. Dat je als Abraham je zoon moet offeren en het dan ook nog gaat doen. Dat je mensen verbiedt om van een  boompje te eten en als ze het dan toch doen, ze voor eeuwig vervloekt. En dat je altijd maar weer uitverkiest. Twee zonen, bijvoorbeeld Jakob en Esau. Wetend dat er rivaliteit tussen broers is, en dan toch de oudste het eerstegeboorterecht afnemen om het aan de jongste te geven.

Maar dan zijn we nog niet klaar. De trouwe Job maak je ongelukkig. Je slaat deze godsgetrouwe man met zweren en ellende, omdat een narrig duiveltje dat bij je weet af te dwingen. En tenslotte begunstig je Abel en benadeel je zijn broer. En dan slaat de een de ander de hersenen in. Om vervolgens hoofdpersoon te worden in het boek van Saramago; dat dan weer wel.

Het boek ‘Kain’  leest vooral om die reden heel lekker weg: Kain leent zich als jaloerse moordenaar van zijn broer uitstekend voor Saramago’s doel. De schrijver wil god neerzetten als de oorzaak van het kwaad. En wie kan hem daar beter bij helpen als de godhater Kain, die zich onrechtvaardig behandeld weet door zijn meester.

Het klinkt allemaal heel boos en verontwaardigd, maar het boek heeft, ondanks de hoge leeftijd van de schrijver toen hij het schreef, een bijna kinderlijk soort verwondering. En daar raakt het aan Life of Brian die de verhalende elementen van de christelijke tradities tot een nieuw grappig geheel omvormde. Wie van humor houdt, kan geen moeite hebben met Kain.

Ook niet wanneer hij wat apathisch vindt dat het de zoveelste variatie is op hetzelfde thema dat moderne denkers van hun objectiviteit berooft: het boek van de christelijke god. Want nog altijd bindt die club de strijd aan met een fenomeen dat volgens hen allang dood is. Steeds moet bewezen worden dat de god van het christendom een idiote gril is van het menselijk brein. Maar als je daar nou zo zeker van bent, waarom toch?

Die ernst onttrekt wat humor aan dit type verhalen. Karakters in boeken moeten nooit alleen maar goed of kwaad zijn. Dan geloven we ze niet. ‘De heer’  in Saramago’s boek ‘Kain’ is te zeer een belichaming van het kwaad. En al begrijp je dat als lezer best (er moet immers tegenwicht gegeven worden aan de verheerlijking van deze macht), toch komt het het ironische karakter niet ten goede.

‘Kain’, Jose Saramago, 2010, Meulenhoff

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s