Overal was seks, maar Steels kón niet meer

We zijn een bewegend billboard geworden, dacht Steels,  die met zijn rug tegen de Stadsschouwburg cappuccino dronk, maar wel zo dat hij als hij naar rechts keek, café Americain kon zien, waar de schrijver Harry Mulisch graag zijn naam liet omroepen in een tijd dat we nog geen bewegend billboard waren, maar een lees- en luisterwereld vol radio’s, roeptoeters en boeken. Het was een tijd dat interior designer nog geen term was die over de inrichting van iets stoffelijks ging. Interior design sloeg op de manier waarop je je geest vormgaf die destijds niet in je brein woonde maar daar alleen maar gebruik van maakte.  

Steels keek over het Leidseplein en zag hoezeer de reclamewereld, de marketeers met hun gelul over jezelf onderscheiden en het zo amusante internet zijn wereld in 30 jaar hadden veranderd. Had Aldous Huxley het al niet gezegd in de vorige eeuw, dat de mensheid in slaap zou worden geamuseerd en afgeleid werd van de grote dingen door beeldschermen?

Het was zomaar juli geworden, het moment voor lui zijn en naar borsten, benen en billen kijken. Want als hij iets had geleerd in de 60 jaar dat hij leefde, dan was het wel dat geen billboard bestand was tegen onderdelen van vrouwen. Hij vond het verwerpelijk en leeg, maar wist ook dat dat oordeel een uitbraaksel was van de jaren zestig en zeventig, toen het nooit zomaar over seks mocht gaan, want bedekt was aantrekkelijker dan bloot.

Maar nu waren ze allemaal fotomodellen geworden op het Leidseplein en leken ze allemaal op popsterren en op facebook en twitter fotografeerden ze zichzelf en zagen eruit als Hollywood; één grote mensenetalage! De één leek op James Dean, de ander op De Niro, alsof het iets betekende om er uit te zien als een filmster.

We passen allemaal op het bewegende billboard, waar een visie of moraal er niet toe doet, dacht Steels, want je mag wel 15 minuten te lang lullen over de vorm van de schaal op je dressoir, maar niet over de gedachten achter de dingen die je ziet. Lekker voelen, lekker woelen en vooral seks, seks, seks.

Steels begreep wel dat daar de wortel van zijn cynisme zat. Alles moest verbonden worden met seks, en hij was niet meer zo verbonden met seks. Een karaktervolle lelijkerd, wiens maten  niet in de strakke textiel pasten, was gedoemd om zich als Emily Dickinson of iemand anders met een huidziekte op te sluiten in zijn binnenkamer- en wie wilde daar nou nog wonen?

En dan het sarcasme van het leven! Op je 60e rond te moeten gaan in een wereld waarin de seks voor het oprapen lag, terwijl op je 25e, toen het testosteron door je genen gierde, politiek engagement de eerste viool speelde. Dat was pas vals van de goden die ook al niet meer bestonden.

Steels begreep het wel. Overal was seks, maar hij kón niet meer. De viagra was hem ontraden door de dokter, want die liet zich niet combineren met andere medicijnen. Dus nam hij opnieuw een tripel, om nog dikker te worden, zodat hij het billboard dat zo snel bewoog, kon ontsieren door het plein over te steken, recht tussen Palladium en Paradiso door, waargenomen door de talloze vormgevers die hem een stijlbreuk zouden noemen.

Een dikke karaktervolle stijlbreuk, opgesloten in de vrijheden van zijn verleden, toen Mulisch zijn naam nog liet omroepen in Americain. Een dikke stijlbreuk, later met veel passie verwerkt in een trendy vaas, door een designer met een spraakgebrek. En zo onderscheidde hij zich. Zonder er ook maar een cent mee te verdienen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s