Stephen Hawking en zijn heelal

Stephen Hawking is een slimme man. Hij is professor in de wiskunde en intussen wereldberoemd vanwege zijn boeken over tijd en het universum. Dus las ik ‘Het grote concept’ dat hij samen schreef met Leonard Mlodinow. Het boek gaat over het heelal, en over onze modellen van het heelal. Het is complex en leest niet gemakkelijk weg. Het wachten is op een Hawkingboek voor dummies. Hawking stelt dat ons heelal een van de vele heelallen is die allemaal hun eigen wetten hebben. Geen universum maar een multiversum. Een andere stelling is dat ons heelal niet per se een begin hoeft te hebben, maar dat heeft te maken met Hawkings opvattingen over tijd. En het is niet gemakkelijk die te begrijpen. Denken vanaf de oerknal naar hier is het niet helemaal. Je moet terug van verleden naar heden, en beseffen dat het jonge heelal nog geen tijd kende.

In dit soort dingen vind ik Hawking fascinerend maar ook meer wiskundige dan historicus. Als niet wiskundige kan ik mij maar moeilijk voorstellen dat tijd niet van een bepaald moment naar een ander moment loopt. Maar ik wil aannemen dat het anders is dan ik me kan voorstellen. En ik sta open voor alle vormen van de tijd, als ze tenminste echt bestaan en niet alleen een wiskundig model zijn.

Een andere, niet minder moeilijke vraag, is de vraag of het heelal spontaan is ontstaan of door Iets of Iemand gemaakt is. Het antwoord op die vraag is bij iedereen altijd erg afhankelijk van zijn belief. Hawking vindt niet dat wij een god ´nodig hebben´ om het ontstaan van het heelal te verklaren. We ´hoeven´ geen beroep te doen op een welwillende schepper die het heelal speciaal voor ons heeft geschapen´.

Ik vind dat een boeiende redenering. Kennelijk gaat Hawking er hier van uit dat mensen die geloven dat er wel een god is, die nodig hebben. Het beeld van de angstige, behoeftige gelovige is een beeld dat wetenschappers graag koesteren. In zijn boek ´Wij zijn ons brein´ inventariseert Dick Swaab bijvoorbeeld een aantal redenen waarom mensen geloven.

Deze humanistische opvatting is geen gevolg van wetenschappelijk onderzoek, zoals het soms lijkt, maar een vooronderstelling. Net als geloofsopvattingen. De Swaabs en Hawkings zijn hier geen objectieve instanties, maar mensen met een geloof, een hip geloof onder wetenschappers± namelijk het idee dat er geen god is.

De schrijver Kluun liet in ´God is gek´zien hoe badinerend niet-religieuze wetenschappers kunnen praten over mensen die in een god geloven. Die mensen zijn angstig, niet ontwikkeld, onwetenschappelijk en ‘ hebben een god nodig’  om dingen te kunnen verklaren. Hawking lijkt er ook zo in te zitten. Voor wie het moeilijk vindt om te snappen waar het in deze discussie over gaat: in de natuurwetenschappen speelt er een discussie. In deze discussie gaat het hierom: is het heelal de som van toeval? Of is het heelal het gevolg van een vooropgezet plan?

In het eerste geval ga je uit van spontane gebeurtenissen. Dingen zijn er omdat ze zijn ontstaan en omdat ze zich hebben ontwikkeld. In het tweede geval ga je uit van een ontwerper die een plan heeft met de natuur en het heelal, en die deze werkelijkheid gebruikt om samen met de mens iets te verwezenlijken. Dat laatste geloven veel religieuze mensen, waaronder een aantal wetenschappers. Ze geloven in een god die een doel heeft met alles, en de mens heeft een bijzondere positie in dat plan.

Een voorbeeld. Hawking zegt: ‘Ons heelal en de wetten ervan lijken een ontwerp te hebben dat niet alleen op maat lijkt te zijn gesneden voor de ontwikkeling van het leven, maar ook weinig ruimte laat voor verandering.’  Hij noemt een aantal condities in de vermoedelijk 13,7 miljard jaar dat het heelal bestaat, die er toe hebben geleid dat de mens hier op deze planeet kan leven.

Zeer kleine afwijkingen in die condities zouden er toe hebben kunnen leiden dat wij er niet waren geweest. Hier komt van alles aan te pas. Ik zal het uitleggen. In het oerheelal waren er waterstof, helium en een beetje lithium. Dat heeft zich ontwikkeld tot wij in het hier en nu. Hoe kan dat? Daarvoor waren zwaardere elementen nodig. Die zijn geproduceerd in sterren.

Er moesten dus eerst sterren zijn. Dus moesten er in het jonge heelal condities zijn waardoor sterren konden ontstaan. Die sterren moesten ontploffen, anders werden de zwaardere elementen niet door de ruimte verspreid en konden er geen planeten ontstaan en dus geen aarde en dus geen mens. Als je ziet hoe fijnzinnig alles klopt, dan kom je onder de indruk.

Voor iemand die gelooft dat er iemand met een bepaald doel aan het werk is geweest, staat vast dat alles een doel heeft. Voor iemand die dat niet gelooft ligt dat anders. Die ziet een keten van toeval. Zoals de bioloog Stephen J Gould, die ervan uitging dat alles spontaan is ontstaan. Je kijkt terug, zo redeneert hij, en als je terugkijkt verbaas je je over de condities. Redeneer je van toen naar nu, dan is het veel minder wonderbaarlijk.

Ik ben het niet met hem eens, maar dat zal wel duidelijk zijn. Ik neem wel aan dat er een intelligent designer is geweest, een grote architect, die aan het werk is en is geweest in ons heelal. Gould zou me een romanticus hebben genoemd, maar hij en ook Hawking, is met zijn opvatting niet minder een romanticus.

Geloven of niet geloven gaan namelijk allebei over de dingen achter onze werkelijkheid.  En daar hebben we geen zekerheid over. Alleen maar onze beliefs. Dingen die we willen geloven om een meerwaarde toe te kunnen kennen aan het leven. Dat doen romantici. Maar daarmee is nog niets gezegd over een godheid, want als die bestaat maakt het niet uit of we in hem of haar geloven. Hij of zij is er toch wel.

Intussen zou het wetenschappers als Hawking met hun status sieren als ze wat minder stellig zouden zijn over het bestaan van een god. Ze weten het net zo min als u en ik. Wat rest is geloof, volgens een oude tekst het bewijs voor de dingen die we niet zien.

Advertenties

3 gedachtes over “Stephen Hawking en zijn heelal

  1. Ik ga een stelling poneren Bert. Is het niet zo dat onze geest zo ontworpen is om mysteries te verklaren.

    Het ontstaan van het heelal, de mensheid zijn de grootste mysteries waar wij ons sinds het moment dat we kunnen denken in vastbijten.

    Onze hersenen werken met hokjes, stigma’s, labels om de wereld om ons heen te ordenen en daardoor te begrijpen.

    Het designer- of opperwezenconcept zou dan ook prima te plaatsen zijn in de wijze waar op mensen denken. We kunnen in deze context ook niet out-of-the-box of in dit geval out-of-the-universe denken. Dat is helaas onmogelijk.

    The God Delusion van Richard Dawkins vind ik
    daarom een veel plausibeler verhaal.

    De origine van ons bestaan zullen wij nooit kunnen doorgronden. Daar zal wellicht een heel goede reden voor zijn.

    Dank je voor dit betoog!

  2. Dank voor je reactie, Patricia. En het staat je natuurlijk volledig vrij om Dawkins te waarderen. Maar toch een paar opmerkingen.
    Ik snap wat je bedoelt met onze geest die wil categoriseren. De hokjes en dergelijke. De vraag is alleen of onze geest bij ons allemaal wel zo werkt. Laten we het biologisch-evolutionair houden. Ons brein heeft een complete landkaart met thema’s opgeslagen om te kunnen overleven in de contexten waarin we leven. Als je je ogen sluit, kan je je een beeld vormen van de omgeving. Dat is het beeld van je hersenen. Als je je ogen opent, zie je of het beeld tot in detail klopt.
    Het is o.a. afhankelijk van onze amygdala en prefrontale cortex in welke mate we de boel willen controleren. En bij die controle horen de hokjes en labels. Mijn aanname: hoe minder angst, des te minder behoefte aan labels.
    Het desginerconcept, zoals jij dat noemt, past niet meer of minder bij de manier waarop mensen denken dan het Dawkinsconcept. Dat labelt net zo goed. Ook de opmerking dat we ons ontstaan nooit zouden kunnen doorgronden, en iets open moeten laten voor het mysterie, is zo’n concept, dat je overigens terugvindt bij Hawking.
    Veel is onverklaarbaar, daar hebben we onze modellen en concepten voor. Maar de aanname van een god wel zo’n concept noemen, en de aanname van geen god niet, dat lijkt me niet in balans.

    De traditionele manier van denken over religie in niet-religieuze kringen, is dat mensen religie hebben bedacht omdat ze bepaalde dingen niet kunnen verklaren, omdat ze angstig zijn voor onweer en de dood en zo. Dat zal zeker voorkomen, maar dat komt mij allemaal wat te bedacht voor.
    Ik sluit simpelweg een intelligent designer niet uit. Waarom zou ik? Ik vind het zelfs uiterst boeiend om ervan uit te gaan dat alles een zin heeft. En niet omdat ik bang ben voor een leven dat geen zin zou hebben. Want (a) er is altijd een zin en (b) niet geloven in een god lijkt mij in veel opzichten zeer comfortabel.

    Blijft natuurlijk staan dat je meer in Dawkins kan geloven dan in god. Of dat je het, zoals jij betoogt, een plausibeler verhaal kan vinden.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s