Alsof de flat omviel

Het waren de jaren dat Radio Veronica nog iets betekende. Een piraat voor de kust. En in de top 40 stonden Grateful Dead, Jefferson Airplane, the Stones en the Beach Boys, en de alarmschijf bestond nog niet. Hippiejaren in Den Haag. Maar ik was zeven. Te klein om mee te doen. Al bedelde ik bij mijn moeder om de broek met de wijde pijp die gedragen werd door jongemannen op straat.

Het staat me nog erg goed bij dat ik een transistortje kreeg in 1967. All you need is love was een hit, en ik had net iets ontdekt: wanneer je onderaan de flat stond en je keek omhoog, en je zag de wolken aan het uitspansel voortdrijven, opgejaagd door de wind, dan was het net alsof de flat omviel.

Ik herinner me het moment nog. God only knows kwam uit het oortje van mijn radiootje (en radiootje sprak ik toen uit in plat Haags), en ik werd overspoeld door een gevoel van vrijheid, dat ik later nooit meer heb ervaren. Zelden ben ik dieper binnengedrongen in het hier en nu dan toen, daar aan de Haagse Melis Stokelaan bij de vier ‘witte fletten’.

Het zal de beweging wel zijn geweest, vermengd met de muziek. Daar houd ik altijd enorm van. In de trein met een ipod, of onder wiegende bomen met voortgejaagde wolken, daar kom ik van tot rust. Ik hoop dat de komende herfst me in de gelegenheid stelt om nog een keer zo’n moment mee te maken in één van die lommerrijke omgevingen die Den Haag kent.

Ik woon er weer vlakbij. Een tijdlang bij mijn vriendin in huis, maar binnenkort is mijn huis in Zwolle definitief verkocht en  vanaf november 2010 vestig ik mij definitief in het westen, niet zo ver van Den Haag, de stad waar ik tussen 1963 en 1967 woonde, en waar ik bijvoorbeeld mijn eerste vriendinnetje had. Met wie ik een paar jaar geleden een erg leuk gesprek over toen had op het strand van Scheveningen.

Ik zit er nu. In Den Haag. Vlakbij het ANWB-gebouw aan de Wassenaarseweg, in park Clingendaal. Met een ander lievelingsnummer van me uit de jaren zestig. ‘Excerpts from a teenage opera’(http://www.youtube.com/watch?v=0rExhxkX-Ic), misschien beter bekend als ‘Grocer Jack’, tot ver in de jaren 90 door mij gezongen als ‘Grosentsjek’. Je zingt een nummer zoals je het leert.

De lucht draait niet, de lucht staat stil. Er is veel blauw. Zou het een mooie herfst worden? Zo’n zachte herfst die je de tijd geeft om terug te denken aan de jaren dat de zorgeloze vrijheid er misschien ook niet was, maar wel ervaren kon worden? En wat lees je dan in zo’n herfst, in duingebieden, parken en bossen, in je trui, terwijl je af en toe een wolk voorbij ziet komen?

Dan lees je de mannen en vrouwen van toen. Kerouac’s ‘On the road’. Een paar gedichten van Allen Ginsberg. Misschien Jan Cremer of Jan Wolkers. Mannen die leefden vanuit hun hart en intuïtie. En op je ipod de hits van de jaren 60. Homburg van Procul Harum. A dedicated follower of fashion van the Kinks. Jesamine van The Casuals. En God only knows van de onvergetelijke Beach Boys.

Jaja, Mary Hopkins, those where the days.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s