Vastenavond in Bergen Op Zoom

Het is carnaval, dus een verhaal over Bergen Op Zoom van een paar jaar terug kan geen kwaad: ‘Afgelopen weekend mocht ik als man van boven de rivieren voor de tweede keer  onder de rivieren een carnaval beleven, en wel in Bergen Op Zoom. Nu had ik altijd iets tegen carnaval. De hoempapa en hopsasa-uitingen van soms merkwaardig verklede mensen stonden  me altijd wat tegen. Confetti, plastic mombakkesen, boerenkielen en vaak afzichtelijke kleuren hielden me verre van de bierdoordrenkte maskerades. 

Mijn antipathie tegen carnaval wortelde in een vroege jeugd. Al in 1968 stoorde het mij dat de toen door mij zeer beminde top 40 eens per jaar volliep met muziek van Nederlandstalige hoepsa-heisa-muziek. Dat ging eigenlijk nooit meer over. Ik bleef me verre houden van Nederlandstalige muziek.

Ergens in mijn jeugd werd ik door een oom eens meegenomen naar het carnaval in Renkum. Dat konden ze daar wel, carnaval vieren. Ik herinner me dat het bier rijkelijk vloeide, maar ik was nog niet op een leeftijd dat ik dat leuk vond. Wel genoot ik van de uitgelatenheid van de menigte. En ook de muziek was opeens niet meer zo erg. Omdat ik meezong.

Boven de rivieren proberen we met training en therapie ‘uit de controle’ komen. Een aantal van ons wil eigenlijk overgave, en voelen ons daar geremd. Als we feest vieren, slaan we dan ook geweldig door. Carnaval kan dan een schreeuwerige orgie worden. We moeten een hindernis nemen, en dan moet er veel drank vloeien.

Het is een groot verschil met dat wat ik onder de rivieren ervaren heb, dit weekend. Overgave blijft een sleutelwoord. Gewoon meedeinen, een paar dagen per jaar, in een kleurrijke vrolijke menigte, dat vergt dat je iets loslaat. Niet een zindelijke manier van denken, integendeel, wie goed rondkijkt hoort en ziet voortdurend maatschappijkritiek. Politieke kwesties worden aangeraakt op een bijna middeleeuwse manier: zoals de nar het hof prikkelde met zijn grappen.

In Bergen Op Zoom is de Brabander vrij nuchter. Maar feesten kan hij.

De stad heeft een heel ‘eigen’ manier van carnaval vieren. Niemand heeft het daar overigens over carnaval. Men heeft het over ‘vastenavond’. Met een gordijn om je schouders, gemakkelijke schoenen en kleren, en een versierde hoed gaat de Bergenaar de stad in. En de boerenzakdoek wordt niet vergeten. Met de knoop van voren, want anders ben je een ‘Roosendaler’, wat van oudsher in Bergen het tegendeel van een compliment is.

Die gordijnen, die zijn van na de oorlog. De mensen hadden toen een periode niets te eten, maar carnaval moest er gevierd worden. Dus gebruikte men gordijnen. Er was gewoon niets anders.

‘Vastenavond’ in Bergen Op Zoom is volkscultuur van de bovenste plank. De voorgevels van huizen worden met de nodige creativiteit en fijnzinnigheid omgetoverd tot sfeervol verlichte carnavaleske etalages, waarin actuele thema’s tot uitdrukking worden gebracht. De bevolking leeft weken, zo niet maanden, naar het feest toe. De min of meer verplichte hoofddeksels getuigen daarvan. Het zijn vaak complete kunstwerken, vol symboliek.

De muziek moet apart worden genoemd. Er zijn rond de 80 dweilbandjes in Bergen Op Zoom. (Dweilen is van kroeg naar kroeg gaan). Al decennia maken ze ieder jaar een carnavalslied, en de lokale bevolking lijkt ze allemaal te kennen. Ieder liedje. Dat viel me op, toen diep in de nacht in een café aan de Markt de muziek ophield. De aanwezigen begonnen toen met zijn allen een potpourri van Bergense carnavalsliedjes te zingen.

Niets hoempapa, niets hopsasa. Vuur! Theater! Elkaar uitdagen tot nieuwe liedjes, en lange neuzen trekken.

Als je dat zo opschrijft, zal de criticus denken: geef mijn portie maar aan fikkie. Lekker blijven denken. Maar ik vond het nogal een spiritueel gebeuren. Vooral een liedje met de weinig diepzinnige tekst: ‘Hee, sapperiosia’ had een mantra-achtig karakter, en er ontstond dan ook een soort trance bij de aanwezigen.

Maar nergens werd het ordinair. Het was een ingetogen soort uitbundigheid, iets warms dat de mensen verbond. Gemeenschapszin. In ons tijdperk van individualisme heeft dat op veel plaatsen zijn karakter verloren. Maar in Bergen Op Zoom zag ik het nog volop. Het is dit type cultuur dat we aan het kwijt raken zijn in ons moderne Nederland. En ondertussen zoeken we naar wegen tot ‘overgave’ bij goeroes, therapeuten en trainers. Omdat we onze eigen cultuur altijd wat oubollig vinden.

Ik ben blij dat ik er was. Nuchter is niet altijd sober. Dat ontdekte ik. En ook dat ‘vastenavond’ geen ordinair zuipfestijn is. Het is gezelligheid, een beetje maf doen, in een prettige atmosfeer uit je bol gaan. En het is bont, als in een Fellini-film.

Het familiefeestje in Bergen Op Zoom zal woensdag pas eindigen. Jammer dat er dan niet iets van die sfeer blijft hangen, dat ze pas volgend jaar weer ‘uit de kast’ komt. De nuchterheid komt van de Bergenaren zelf. ‘Nu zijn we geïnteresseerd en leuk tegen elkaar, maar volgende week donderdag lopen we weer gewoon langs elkaar heen’.

Dat verwondert me dan weer wel. Maar misschien moet het zo zijn. Is controle meer dan alleen maar een verkeerd mechanisme. En zijn we veroordeeld om ons leven te leven met een serieus gezicht.

Jammer. Wat vaker ‘sapperiosia’ zingen zou ons over drempels en frustraties heen kunnen helpen.’

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s