De zee grijst tot aan de kim; november op Terschelling

We waren op Terschelling. Voor mij was het de tiende keer, voor mijn vriendin de tweede keer. November is een uitstekende tijd om het eiland te bezoeken. De toeristenbulk is dan grotendeels verdwenen, de natuurgebieden liggen in alle rust en de herfst knaagt aan de laatste resten van een verstreken seizoen.

Het weer zit niet altijd mee in november, maar ook dat heeft zijn charme. We hadden mist, storm, zaten in de zon bij de Walvis en hoorden regen tikken tegen de schuine kantelramen van ons huisje. En dat alles in een tijdsbestek van iets meer dan 48 uur. Ik schreef een paar eerste opzetjes voor gedichten.

Op zaterdag bij Oosterend liepen we langs de weg naar het strand in dichte mist.

‘lijkweg in november/door de duinen in de mist/waar verdonken zeelui door de duinen/naar hun graven werden gedragen/zelfs de zwarte paden/doemen op als schaduwen des doods/in de dichte mist/die als ze zou kunnen/iedere meter voor ons verslond’

Boven Midsland staat een verlaten keet in een met riem omzoomd weiland.

‘stalen keet/met je golfplaten dak/het eiland is dor rondom je/en het wit aan je rand/is geen lepelaar maar iets van steen/er liggen waterplassen in het bruine gras/het brakke novemberlicht is/de avondschemering al veel te vroeg voorbij/de maan hangt scheef glimlachend boven je/de mensen zijn weggestorven/uit deze vlakte/een paar maanden geleden/trokken ze in stammen aan je voorbij/nu, stalen keet, lig je hier/in eenzaamheid gegoten tussen een stervende natuur/die je spottend opneemt’

Ten westen van West ligt de vermaarde ‘Walvis’, strandtent met uitzicht op Vlieland. De beste plek van Nederland voor een borrel.

‘maar ik moet toegeven/de zon bij de walvis/is hetzelfde gebleven/en het wad valt er nog altijd droog/en vlieland ligt er/nog altijd met het groene strand te flirten/en nog altijd heeft iemand echtparen uitgestrooid/over het wad/die daar eindelijk/legitiem uitgeluld mogen zijn’

Nog even naar de andere kant.

‘de zee is grijs bij oosterend/ze schuimt wit op de eerste golven/maar verder grijst ze tot aan de kim/en ver daarboven/de schelpen die ze kraakt in november/lijken allemaal misbruikt/en opengesperd/door oorlogszuchtige krachten onder water/we kijken langs het strand/en zien het schuim op het zand/afzichtelijk trillen/in een wind die naar warme chocola doet verlangen/maar de vaalgele strandtent is gesloten.’

Om maar weer terug te zwiepen naar een paar lichtbeschonken regels in de Walvis.

‘nee, geen diepe thema’s klein gemaakt/maar brak novemberlicht/op ribbelwad in waterplassen/en de horizon als scheiding tussen grijzen/en de jutter/tussen de lippen/en het schuim van bier/over de viltjes’

En dan neem je de boot naar Harlingen.

‘waddenzee in de storm/waar alles deint/en niets kan wortelen/waar de stormen doen/ wat gebeurtenissen doen/in een mensenleven/waar de zon in water glanst/voel de deining en besef wat leven is/nergens vaste grond/maar je kan overal/voor anker gaan’

Het was fijn op Terschelling. November is een echte eilandmaand.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s