Mahler: tussen Wagner en Brückner

mahlerEén van de belangrijkste invloeden op mijn gedichten zijn de muziekstukken van de componist Gustav Mahler. Zijn muziek werd meer dan eens voor film gebruikt. Visconti’s ‘Death in Venice’ uit de jaren zeventig van de vorige eeuw kan beschouwd worden als een lange clip bij de highlights uit Mahler’s muziek. De muziek is romantisch, rijk en niet altijd even vrolijk.

Maar ze is meeslepend en indringend. En majestueus. Ik reed ooit met de trein door de Oostenrijkse bergen, en luisterde toen naar het adagio van Mahlers Negende. Het is moeilijk uit te leggen hoe de uitschieters van dat stuk een magisch karakter gaven aan de watervallen, die zich uit de hoogte in de diepten storten. Dat doet Mahlers muziek ook. Het stort naar beneden of verrijst met kracht tot grote hoogten, zoals bij vulkaanuitbarstingen.

Soms, zoals in de onvoltooide tiende symfonie, is het bloedstollend. Alsof er van het ene op het andere moment een monster van onafzienbare afmetingen uit een afgrond voor je oprijst. Het lijkt de muzikale vertolking van de dood in hoogsteigen persoon. Die was op het moment van de compositie niet zo heel ver meer weg bij Mahler.

Bovendien had hij een paar kinderen verloren. Dit is erg goed te horen in het werk van Mahler. In de Kindertotenlieder natuurlijk, maar toch ook in die laatste symfonieën. De Jood Mahler was toen al uitgegroeid tot een fenomeen. Zo was het echter niet begonnen. De eerste symfonieën stonden bloot aan heftige kritiek. Wenen was niet klaar voor de man uit het Tsjechische land.

In de tweede symfonie wordt prachtig gezongen; in de Derde eveneens: in ‘O mensch’, naar een gedicht van Nietzsche. Maar zeldzaam melancholisch wordt het in de vierde, wanneer Mahler een (poco) adagio laat horen van wereldklasse. Staat zijn werk meestal in tussen de prachtige klankkastelen van Wagner en de opgejaagde instrumentale panelen van Brückner, in het adagio van de vierde bevinden we ons daar volledig buiten. We horen hoe schoonheid kan worden omgevormd in muziek.

In het adagio van de vijfde herhaalt dit zich. Ook daar die onwereldse, onverwoordbare kracht, die regelrecht naar het gevoel van de luisteraar gaat. Filmregisseur Visconti heeft de schoonheid ervan proberen te verenigen met de beelden van zijn film. Het is voor die tijd een goede poging; de moderne luisteraar zou het misschien niet volhouden. Die is gewend aan snel, snel, snel.

Mahler was de vervaardiger van het schoonste dat de muziek ooit heeft voortgebracht. Maar hoe zullen toekomstige generaties ermee omgaan? Het gaat niet goed met de klassieke muziek, zo lijkt het. Platenmaatschappijen hebben de grootste moeite om het hoofd boven water te houden. De jeugd heeft andere voorkeuren.

Ik zou makers van documentaires en films willen vragen kwistig te citeren uit de prachtige muziek van Gustav. Voor mensen die het eens willen proberen: koop de vierde en draai dan het derde stuk. Schitterend en zeer toegankelijk voor het moderne oor. Voor mensen die wat dieper willen gaan, begin met de negende en tiende.

Bedenk er een film bij. Het is orkestrale poëzie. En neem er de tijd voor.

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s